Ze zijn bleek- tot lichtgroen en hebben twee rode oogvlekken nabij de kop. Wijfjes hebben meestal een grote donkere vlek aan weerszijden van het lijf, en talloze stekelige haren op de poten / het lijf.
Ontwikkeling
De eitjes zijn parelwit en worden gelegd op de onderkant van aangetaste bladeren. Na 3 dagen komen ze uit. Het wijfje kan in haar leven honderden eitjes leggen.
De tijdspanne van ei tot volwassen dier varieert tussen 5 en 20 dagen. De jongen lijken sterk op de volwassen diertjes, maar ze zijn kleiner en hebben slechts 3 paar poten.
Het wijfje leeft twee tot vier weken.
Leefwijze
Deze mijten produceren een zijdeachtig web dat de aangetaste bladeren bedekt. Ze kunnen voorkomen op sierplanten, op fruit-/groentengewassen, op sommige bomen en op planten in serres.
Deze mijt verkiest het warme, droge weer van de zomer en de herfst, maar ze kan het hele jaar voorkomen.
Overwinterende wijfjes houden een winterslaap in grondhopen of onder de schors van bomen of struiken.